Binnenkort beschikbaar

UBN en I&R voor hobbygeitenhouders: dit moet je regelen

Je hebt twee hobbygeiten in de tuin, of een stel dieren bij de paarden. Klinkt ontspannen, en dat is het ook. Maar de overheid beschouwt elke geitenhouder als een houder van landbouwhuisdieren, en dat brengt verplichtingen mee. Een UBN aanvragen, je dieren merken, en elke aan- of afvoer melden: het klinkt bureaucratisch, maar het is in de praktijk goed te doen als je weet hoe het werkt.

Redactie DokterVeld

Samengesteld op basis van RVO, NVWA en de EU-diergeneesmiddelenwet

Wat is een UBN en waarom heb je het nodig?

Een UBN (Uniek Bedrijfsnummer) is een locatienummer dat gekoppeld is aan de plek waar je dieren worden gehouden. Het is geen bedrijfsregistratie in de handelsregister-zin: ook pure hobbyhouders hebben een UBN nodig. Zodra je geiten houdt, ook al is het maar één dier, ben je verplicht een UBN aan te vragen voor die locatie.

Het UBN is de basis voor alles wat daarna komt: melden van dieren, ontvangen van informatieproducten (zoals je stallijst), en het opbouwen van een administratie die bij een controle klopt.

UBN aanvragen: zo doe je dat

Je vraagt een UBN aan via mijn.rvo.nl, het online portaal van RVO. Je hebt daar DigiD voor nodig.

  • Vraag het UBN aan vóórdat je de dieren haalt, niet erna. Dat is de officiële volgorde.
  • Houd je DigiD bij de hand en log in op mijn.rvo.nl.
  • Vul de locatiegegevens in: adres waar de dieren worden gehouden, diersoort (geiten), en type houderij.
  • Na goedkeuring ontvang je je UBN. Noteer het goed: je hebt het bij elke melding nodig.

Voor het UBN betaal je een jaarlijks tarief per locatie. In 2026 bedraagt dit tarief €31,50 per locatie per jaar. Dat bedrag wordt jaarlijks vastgesteld; controleer de actuele tarieven voor toekomstige jaren op rvo.nl.

Merken: twee identificatiemiddelen, waarvan één elektronisch

Alle geiten in Nederland moeten twee identificatiemiddelen hebben, waarvan ten minste één elektronisch. In de praktijk zijn dat meestal twee oormerken: één conventioneel en één elektronisch oormerk (met een transponder), of één oormerk en een pens-bolus.

De termijn voor het aanbrengen van de merken verschilt per situatie:

  • Melkgeitenhouders met 50 of meer melkgeiten: binnen 7 kalenderdagen na de geboorte merken én melden.
  • Overige houders (waaronder hobbyhouders): binnen 6 maanden na de geboorte, maar altijd vóórdat het dier de locatie verlaat.

Gaat een lam eerder weg, bijvoorbeeld bij verkoop, dan moet het gemerkt zijn vóór vertrek, ongeacht de leeftijd.

Melden: geboorte, aanvoer en afvoer

Elke beweging van een geit moet je melden via mijn.rvo.nl (of via een erkend beheerpakket). De meldtermijnen zijn:

  • Aanvoer: binnen 7 kalenderdagen nadat het dier op jouw locatie aangekomen is.
  • Afvoer: binnen 7 kalenderdagen nadat het dier jouw locatie verlaten heeft.
  • Geboorte (hobbyhouders): binnen 6 maanden, maar uiterlijk vóór vertrek van het dier.

Je stallijst, het overzicht van alle dieren die op jouw UBN geregistreerd staan, kun je op elk moment inzien via mijn.rvo.nl. Houd die actueel: klopt de stallijst niet met de werkelijkheid, dan is dat een overtreding bij een controle.

Veelvoorkomende hobbysituaties

Niet elke hobbysituatie is even eenvoudig. Een paar voorbeelden:

  • Geiten bij een paardenwei. Bewaak je geiten op een adres dat al een UBN heeft voor paarden? Dan heb je voor de geiten mogelijk een apart UBN nodig, of voeg je geiten toe aan het bestaande UBN als diersoort. Check dit bij RVO.
  • Kinderboerderij of bezoekersboerderij. Heb je publiek dat in contact komt met de geiten? Dan kunnen extra regels gelden rondom Q-koorts. Lees meer op de pagina over Q-koorts en vaccinatie.
  • Tijdelijk elders stallen. Gaan je geiten logeren bij een buurman of op een andere locatie? Dan is dat een afvoer van jouw UBN en een aanvoer op het andere UBN, ook al is het maar voor een paar weken.

Wat wordt er bij een controle gevraagd?

De NVWA kan onaangekondigd langskomen. Wat ze dan willen zien:

  • Je UBN-registratie: de locatie moet geregistreerd zijn vóórdat de dieren er kwamen.
  • De oormerken van alle aanwezige dieren: ieder dier moet twee merken hebben.
  • De stallijst: alle aanwezige dieren moeten op jouw UBN geregistreerd staan en de dieren op de stallijst moeten daadwerkelijk aanwezig zijn.
  • Je medicijnlogboek: lees meer over de logboekplicht op de logboekplicht-pagina.

Het goede nieuws: als je de basis op orde hebt (UBN, merken, meldingen bij RVO), is een controle geen verrassing. De papieren kloppen gewoon.

Je dieradministratie op orde, altijd bij de hand

In de DokterVeld-app leg je per geit het oormerk, de aanvoerdatum en alle behandelingen vast. Zo heb je bij een NVWA-controle meteen alles paraat, ook als je maar twee dieren houdt.

Binnenkort in deApp StoreBinnenkort opGoogle Play

De app is nog in ontwikkeling. Meld je aan als testgebruiker en krijg als eerste toegang.