Ontwormen hoort bij het schapen houden. Maar wat veel houders zich niet realiseren: elke ontwormer heeft een wachttijd. Behandel je een lam dat over drie weken naar de slacht zou gaan, dan kan die planning zomaar niet meer kloppen. In dit artikel lees je hoe wachttijden bij ontwormers werken en hoe je ze zonder gedoe bijhoudt.
Redactie DokterVeld
Samengesteld op basis van RVO, NVWA en de EU-diergeneesmiddelenwet
Waarom heeft een ontwormer een wachttijd?
Een ontwormer doodt parasieten in je schaap, maar het werkzame middel verdwijnt niet meteen uit het lichaam. Zolang er resten in vlees (of bij melkschapen: in melk) kunnen zitten, mag dat product de voedselketen niet in. De wachttijd is de periode die daarvoor is vastgesteld bij de registratie van het middel.
Hoe lang die periode is, verschilt per middel en per werkzame stof. Er is dus geen vaste regel als "ontwormen is altijd [X dagen] wachten": raadpleeg altijd de bijsluiter van het middel dat jij gebruikt.
Waar vind je de wachttijd?
Drie plekken, in volgorde van gemak:
- De bijsluiter en verpakking. Daar staat de wachttijd per diersoort en per product (vlees, melk) expliciet vermeld.
- Je dierenarts. Zeker als het middel via de praktijk komt, kan die je direct vertellen welke wachttijd geldt voor jouw situatie.
- De officiële registratie-informatie van het middel (herkenbaar aan het registratienummer op de verpakking).
Gooi je de doos weg voordat je de wachttijd hebt genoteerd, dan begint het zoeken. Noteer hem dus op het moment van behandelen.
Vlees en melk: let op het verschil
Voor de meeste schapenhouders telt vooral de vleeswachttijd: pas als die verstreken is, mag een dier geslacht worden. Melk je je ooien, bijvoorbeeld voor kaas, dan geldt daarnaast een aparte melkwachttijd. Let op: niet elk ontwormingsmiddel is toegestaan bij melkgevende dieren. Overleg in dat geval altijd eerst met je dierenarts.
Eerst mestonderzoek, dan pas behandelen
Los van wachttijden is er nog een reden om niet standaard de hele koppel te ontwormen: resistentie. Hoe vaker je blind kuurt, hoe sneller wormen ongevoelig worden voor de beschikbare middelen, en er komen niet snel nieuwe bij. De moderne aanpak is daarom: eerst mestonderzoek, dan gericht behandelen wat en wie het nodig heeft. Dat scheelt middelen, geld én je houdt de werkzame stoffen effectief voor de dieren die ze echt nodig hebben.
Bijkomend voordeel: minder behandelen betekent minder lopende wachttijden om te bewaken.
Wat noteer je in je logboek?
Ontwormen is een behandeling met een diergeneesmiddel en hoort dus in je administratie. Noteer per behandeling:
- de datum en het gebruikte middel (met registratienummer);
- welke dieren behandeld zijn: de hele koppel, of juist een selectie na mestonderzoek;
- de dosering (vaak op basis van gewicht: weeg of schat ruim);
- de wachttijd en de datum waarop die afloopt.
Hoe de administratieplicht precies zit, lees je op de logboekplicht-pagina.
Veelgemaakte fouten
- Onderdoseren. Te weinig middel doodt niet alle wormen en werkt resistentie in de hand. Doseer op het zwaarste dier van de groep, niet op het gemiddelde.
- De wachttijd pas opzoeken bij verkoop. Dan is het te laat om je planning aan te passen. Reken de einddatum uit op de dag van behandelen.
- Koppelbehandeling half registreren. Noteer ook welke dieren je hebt overgeslagen, anders klopt je administratie niet met de praktijk.
- Vergeten dat lammeren meetellen. Ook een lam dat met de ooi mee behandeld is, heeft een wachttijd vóór de slacht.